Marlies C. Schröder  Decor- En Kostuumontwerpen
Into the Woods
Door
Stephen Sondheim en James Lapine
Stuk

Into the woods is een fantasierijk verhaal, van wat er gebeurt als de levens van oude en nieuwe sprookjesfiguren dramatisch en met humor samen komen. Assepoester, Jack ( Sjaak van de bonenstaak), Roodkapje en de bakker en zijn vrouw gaan op naar het bos op zoek naar ‘nog lang en gelukkig’. Op hun weg ontmoeten ze Rapunzel, een boze heks, een lascieve wolf, rancuneuze reuzen,en paar charmante prinsen en hun eigen Noodlot. Met inzicht en wijsheid, is Into the woods een Parabel over het verliezen van onschuld, vreugde en leed van het volwassen zijn en de prijs die je moet betalen voor de dingen die je echt wilt.

Regie
Julia Bless
Muzikale Leiding
Robert Jan Kamer
Decor en kostuums
Marlies C. Schröder
Choreografie
Gerleen Balstra
Licht
Johan Molenaar
Geluid
Jeroen ten Brinke
Spel
Kirste Cools, Bob van Tol, Fédérique Sluyterman van Loo, Ger Otte, Rolf Koster, Ann Van den Broeck, Wieneke Remmers, Barend van Zon, Willem Alink, Aafke van der Mey, Annemieke van der Ploeg, Saskia Schäfer, Roosmarijn van Bohemen. Martine Kennis, Jorge Verkroost, Esther Maas
Orkest

Michel Lamers, Slavica Simic, Karel Gerritsma, Stijn Derwig, Hanneke Hoogerwerf, Marjolijn Timmer, James Pollart

Productiejaar
Juni 2003
Openluchttheater Amersfoort
Pers

‘Into the woods’ klopt tot in details

Lies Schut, Telegraaf 30.06.2003

In bijna elk kindersprookje komt wel een duister bos voor. De plek, volgens psychologen, waar de personages doorheen moeten om te ontdecken hoe de wereld in elkaar steekt. Roodkapje, Sneeuwwitje en Hans en Grietje: ze verloren allen hun onschuld na een reis door een duister woud.

Met dat thema speelt ‘Into the woods’, musical van Stephen Sondheim en James Lapine. Geestig is dat Lapine niet een compleet nieuw verhaal verzon, maar dat bekende sprookjesfiguren elkaar ontmoeten in een bos, waarbij drijfveren en karaktereigenschappen in een nieuw daglicht komen te staan. Centraal staan de bakker en zijn vrouw, een stel dat door een vloek van een heks ongewild kinderloos is. Gelukkig is er een remedie. Door het bos in te trekken en een aantal wonderlijke voorwerpen te verzamelen – een roomwitte koe, een bloedrode cape, een pluk strogeel haar en een gouden schoentje – kan hun wens, het krijgen van een kind, in vervulling gaan. Zo ontmoeten ze onder meer Roodkapje, Assepoester en haar zussen, Raponzel, Jack – van de bonenstaak – en diversen prinsen. Alle figuren leven nog lang en gelukkig na het voltooien van die missie, denk je, maar bij ‘Into the woods’ is niets minder waar. Hebzucht, verveling en ontevredenheid zorgen er indirect voor dat er doden vallen. Toch bekijft een wijze les. Roodkapje, Assepoester, Jack en de bakker realiseren zich ten slotte dat ze de strijdbijl moeten begraven. Samen is het beter dan alleen. Sondheim geldt niet als een van de meest toegankelijke musicalschrijvers. Met voorspelbare deuntjes en oppervlakkige verhalen heeft hij weinig op. Graag prikkelt hij gehoor en geest. Ook ‘Into the woods’ – een humoristisch sprookje – zit vol bespiegelingen en overdenkingen. Geluk is vergankelijk bijvoorbeeld, en de mens is egocentrisch. De gebruikelijke rechttoe-recht-aan-romantiek ontbreekt. Een verademing zo’n productie, en helemal al omdat de uitvoering zoals dit te zien is in het Amersfoortse Openluchttheater, tot in de finesses klopt. Tegen een passend decor van intieme paadjes en majestueuze bomen zingt – en speelt – een ijzersterke cast de sterren van de hemel. De muzikale ondersteuning is goed het geluid perfect (eindelijk een musical waar gesproken en gezongen teksten integraal verstaanbaar zijn), de regie helder en consequent. RegisseurJulia Bless heeft ervoor gekozen de ironie te benadrukken, in zowel de personages als het verhaal. Aan elk type kleeft iets kluchtigs. De een heeft een mal huppeltje (de prinsen), de ander een onnozele intonatie (Jack), de derde een kinderlijk-sexy image (Roodkapje). De opeenvolgende gebeurtenissen hebben een comedy-caper-achtig ritme. Zo komen niet de alleen handelingen en karakters in een bijzonder daglicht te staan, ook de dubbele laag in de teksten wordt op die lichtvoetige manier genadeloos blootgelegd. Dat vraagt veel. Niet alleen moet iedereen met de soms weerbarstige muziek uit de voeten kunnen, ook speltechnisch worden er eisen gesteld. En zoals gezegd, dat is tot in de kleinste rol gelukt. Om een paar namen te noemen: Kirsten Cools als vernijnige heks, Frederique Sluyterman van Loo als vermetele bakkersvrouw en Rolf Koster: onweerstaanbaar, als Wolf en als Prins. Samen met de geestige kostuums, de visuele grappen en de eenvoudige rekwisieten wordt deze Sondheim een vrolijk maar allerminst triviaal evenement. ‘Into the woods’ kortom, is een verrassende amuse-gueule, een bitterzoete midzomernachtdroom waaruit je na drieenhalf uur een schok ontwaakt. Met blikken billen misschien, vanwege de houten bakjes, maar een glimlach op het gezicht